David Wang op het podium tijdens Connect 2026
David Wang op het podium tijdens Connect 2026.
Een organisatiestructuur met kenmerken van zelfbestuur door werknemers, aandelen in handen van het personeel, apparatuur die onder extreme omstandigheden wordt getest, samenwerking als drijvende kracht en het gebruik van open standaarden. Dat vind je niet in Silicon Valley. Bij het Chinese Huawei is het de normaalste zaak van de wereld.
Tekst: TEUS MOLENAAR Beeld: HUAWEI
De conferentie Huawei Connect Shanghai vindt plaats in het Shanghai World Expo Exhibition & Convention Center. De plenaire sessies worden gehouden in een enorme, overvolle zaal. China is een land van grote getallen. Shanghai telt 25 miljoen inwoners. Shenzhen, de stad waar Huawei werd opgericht en nog steeds zijn hoofdkantoor heeft, telt er achttien miljoen. De spectaculaire groei van de stad begon begin jaren negentig, toen de overheid het gebied openstelde voor buitenlandse handel en investeringen.
Huawei nodigde een groep journalisten uit Nederland en België uit om Connect bij te wonen. Op het podium staat David Wang, vicevoorzitter van de raad van bestuur en de huidige ceo van Huawei. Hij legt uit dat ai leidt tot een enorme vraag naar rekenkracht en hoe zijn bedrijf aan die vraag tegemoetkomt met de productlijnen Ascend en Kunpeng. De Ascend-chips zijn specifiek ontworpen voor ai. Kunpeng is de lijn van server-cpu’s voor algemene toepassingen.
Wang benadrukt de open aanpak. Huawei bouwt actief aan open ecosystemen voor computing. Tot nu toe heeft het Kunpeng-ecosysteem 4,16 miljoen ontwikkelaars van over de hele wereld aangetrokken. Cann is overgestapt op duurzame, door de gemeenschap gedreven opensourceontwikkeling. Cann staat voor Compute Architecture for Neural Networks. Het is Huawei’s ai-softwarestack en ontwikkelplatform voor de Ascend-chips. Ascend ondersteunt inmiddels meer dan negentig toonaangevende opensourceprojecten van derden en wordt officieel ondersteund als accelerator-backend voor PyTorch, een van de populairste opensourceframeworks voor kunstmatige intelligentie en machine learning.
Even later betreedt Jim Zemlin het podium. Hij is de ceo van de Linux Foundation, de organisatie achter vele grote opensourceprojecten, zoals Linux, Kubernetes en honderden andere softwareprojecten. Hij herinnert zich dat hij tien jaar geleden – eveneens tijdens Connect – samen met Wang pleitte voor open systemen. De titel van zijn presentatie spreekt boekdelen: ‘Open Source Powers the Agentic World’.
‘Elke dollar die wordt geïnvesteerd in het creëren van opensource, levert 2.100 dollar aan waarde op door het gebruik ervan’, zegt Zemlin. ‘Elk bedrijf zou 3,5 keer meer aan software uitgeven als opensourcesoftware niet zou bestaan, zo blijkt uit Harvard-onderzoek.’
We bezoeken de nieuwe r&d-campus van Huawei in Lianqiuhu. De bouw startte in 2021 en werd in 2026 voltooid; ondanks de coronaperiode liep het project volgens schema. Het is een lust voor het oog: moderne gebouwen in een landelijke omgeving. Het is eigenlijk een dorp op zich. Het complex beslaat 260 hectare, wat groter is dan Apple Park en de Redmond-campus van Microsoft samen. Er zijn meer dan veertigduizend kantoorruimtes met plek voor 35.000 medewerkers, plus honderd horecagelegenheden. In totaal staan er 104 gebouwen – waaronder laboratoria, kantoren en recreatieruimtes – die allemaal met elkaar verbonden zijn via een intern spoorwegsysteem. In het gloednieuwe r&d-centrum wordt aan uiteenlopende zaken gewerkt, waaronder onderzoek naar smartphones, auto’s en digitale energietechnologie.
Huawei-oprichter Ren Zhengfei liet bewust campussen bouwen die een aantrekkelijke werkomgeving bieden. Hij hoopt hiermee jong (buitenlands) talent aan te trekken en op te nemen in de Huawei-familie. Door fors te investeren in onderzoek en ontwikkeling houdt Huawei zich staande in de chipoorlog, ondanks de beperkingen die zijn opgelegd door de Amerikaanse president Donald Trump, die zegt de eigen markt te willen beschermen. Maar afgaande op de chiptechnologie die Huawei tijdens Connect liet zien, heeft Nvidia reden tot zorg.
De bibliotheek op de R&D-campus bij het Lianqiu-meer is indrukwekkend.
We bezoeken ook de r&d-campus in Dongguan, vlak bij Huawei’s thuisbasis Shenzhen. Terwijl je in een soort golfkarretje over de campus rijdt, waan je je gemakkelijk in Europa. De campus is onderverdeeld in twaalf afzonderlijke zones die geïnspireerd zijn op beroemde Europese steden en regio’s, waaronder Parijs, Brugge, Heidelberg, Verona, Bologna en Granada.
Tussen de 25.000 en 39.000 onderzoekers werken hier aan uiteenlopende onderwerpen: 5G en toekomstige mobiele netwerken (6G-onderzoek), kunstmatige intelligentie, cloudcomputing, halfgeleiders en chipontwerp, optische netwerken en glasvezelcommunicatie, computerplatforms en datacenters, HarmonyOS (het eigen besturingssysteem van Huawei), autonoom rijden en slimme voertuigen, het Internet of Things en industriële digitalisering.
De campus is bovendien een aangename plek om te verblijven. Het terrein omvat meren met zwarte zwanen, cafés, sportscholen, bibliotheken en in elke zone een kantine. De centrale bibliotheek is een pareltje. Ze herbergt 120.000 boeken, waarvan er naar verluidt zo’n tachtigduizend in het Chinees en veertigduizend in vreemde talen zijn. Het gebouw is geïnspireerd op drie wereldberoemde bibliotheken: de Richelieu-locatie van de Bibliothèque nationale de France in Parijs, de bibliotheek van het Château de Chantilly in Frankrijk en de Library of Congress in Washington D.C.
Bij het Lianqiu-meer is bewust een Europese sfeer gecreëerd om ook buitenlands talent aan te trekken.
Op het hoofdkantoor in Shenzhen, dat in Europese stijl is opgetrokken, ontmoeten we Jiang Xisheng. Hij werkt al 37 jaar bij het bedrijf. Tegenwoordig is hij secretaris-generaal van de raad van bestuur van Huawei. Hij legt uit dat Huawei voor honderd procent eigendom is van het personeel. ‘We wilden ook niet-Chinese medewerkers betrekken, maar de Chinese regelgeving staat dat niet toe. Daarom hebben we het time-based unit plan (TUP) voor hen ontworpen. Alle aandelen zijn interne aandelen; ze staan niet genoteerd aan de beurs en kunnen niet worden verhandeld.’ De prijs van de werknemersaandelen van Huawei wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de intrinsieke waarde per aandeel.
Huawei laat zich momenteel controleren door KPMG en brengt elk jaar een gecontroleerd financieel verslag uit. De intrinsieke waarde per aandeel wordt berekend door het totale eigen vermogen van het bedrijf te delen door het totale aantal aandelen. De aandeelhouders van Huawei zijn de Union of Huawei Investment & Holding Co., Ltd. en de heer Ren Zhengfei. De Vertegenwoordigerscommissie is de organisatie via welke de Union de verantwoordelijkheden van aandeelhouders vervult en de aandeelhoudersrechten uitoefent.
De huidige werknemers die aandelen met stemrecht bezitten, kiezen de genoemde commissie op basis van één stem per aandeel. Vervolgens kiest deze commissie de raad van bestuur en de raad van commissarissen van het bedrijf op basis van één stem per persoon. De Vertegenwoordigerscommissie beslist over belangrijke bedrijfszaken, beheert deze en houdt er toezicht op, waaronder de verkiezing van de raad van bestuur en de raad van commissarissen.
Een bijzonder kenmerk van Huawei is het systeem van de ‘roterende voorzitter’. Drie leidinggevenden (vicevoorzitters) fungeren bij toerbeurt als waarnemend voorzitter. Tijdens hun ambtstermijn treden zij op als de feitelijke hoogste leider van het bedrijf en geven zij leiding aan de raad van bestuur en het Uitvoerend Comité. Ook oprichter Ren Zhengfei neemt deel aan de regeling. Per 31 december 2025 vertegenwoordigde de investering van de heer Ren bijna 0,59 procent van het totale aandelenkapitaal van het bedrijf. Hoewel hij aanzienlijke invloed uitoefent op de strategie van het bedrijf en over een vetorecht beschikt, maakt hij daar volgens Xisheng vrijwel nooit gebruik van.
Bij elk gesprek over Huawei komt automatisch de geopolitieke situatie ter sprake. ‘U hoeft ons niet te vertrouwen’, reageert Victor Qian, ceo van Huawei Benelux & Ierland. ‘Bekijk onze producten. Onze cybersecurity voldoet aan alle Europese regelgeving. Europese instellingen hebben alles getest, met onze klanten gesproken en alles goedgekeurd. Neem niet zomaar aan wat wij zeggen; kijk naar hoe onze producten worden gebruikt. We zijn al meer dan twintig jaar actief in Europa. Elk jaar publiceert de Europese Commissie het EU Industrial R&D Investment Scoreboard. De afgelopen decennia stond Huawei steevast in de top vijf of top zes van alle bedrijven.’ Hij wijst erop dat een netwerk uit meerdere componenten van verschillende leveranciers kan bestaan. ‘We zijn volledig open. We zijn overal inpasbaar. Als er een probleem is, werken we graag samen aan een oplossing.’
Gert Jan van Eck, pr-directeur in Nederland, vult aan: ‘Het blijft een lastige kwestie, maar we zien een verschuiving. Zoals Victor zegt: je hoeft ons niet zomaar op ons woord te geloven, maar beoordeel ons op de resultaten in de praktijk. Samenwerking is ons credo: met klanten, met concurrenten, met overheden. Wij maken deel uit van de oplossing, niet van het probleem.’
Victor Qian
De medewerkers van Huawei moeten lachen om het verhaal over Camiel Eurlings, die bijna brand veroorzaakte in een vliegtuig. ‘Dat zou met onze powerbanks niet kunnen gebeuren’, zeggen ze. ‘Al onze producten worden onder extreme omstandigheden getest. Ook dan moeten onze klanten op onze producten kunnen vertrouwen.’ En nog iets: Huawei maakt hard- en software voor elektrische auto’s. ‘Maar we gaan zelf geen auto’s bouwen. Het is meer een kwestie van Huawei inside.’
Ren Zhengfei richtte Huawei in 1987 op in Shenzhen. Zhengfei is ingenieur en voormalig officier bij de genie van het Chinese Volksbevrijdingsleger.
Het bedrijf heeft tegenwoordig 213.000 medewerkers. In Europa werken 13.000 mensen voor het bedrijf, van wie er ongeveer drieduizend werkzaam zijn in r&d. Van het totale personeelsbestand werkt 54 procent in r&d.
Wereldwijd bezit het bedrijf meer dan 165.000 actieve patenten. De omzet in 2025 bedroeg 126 miljard dollar. Bijna 22 procent van de omzet gaat naar r&d. De R&D-afdeling in Amsterdam richt zich voornamelijk op kaarttechnologie (map-engine technology). De vestiging in Leuven houdt zich bezig met siliciumfotonica en chipontwerp. In Gent werken onderzoekers aan fotonica en optische communicatietechnologie.
Gert Jan van Eck