Computable - Afpersing via technologische afhankelijkheid door de VS

Afpersing via technologische afhankelijkheid door de VS: is dat echt een risico?

Iedereen voelt intuïtief aan dat onze afhankelijkheid van Amerikaanse technologie een risico vormt. Maar is dat wel zo? Het The Hague Centre for Strategic Studies maakte een raamwerk om de risico’s van zogeheten chokepoints meetbaar te maken – waarbij een chokepoint staat omschreven als een economische afhankelijkheid die tegen een land is te activeren voor economische of politieke chantage. Hierdoor geïnspireerd stellen we drie vragen rond het activeren van chokepoints door de VS: kunnen ze het, willen ze het en doen ze het ook?

Tekst: Marcel van Kooten Beeld: ENVATO

Kunnen ze het?

Kunnen de VS levering van it door een leverancier stoppen?

Het antwoord luidt: ja dat kan bijvoorbeeld op basis van de International Emergency Economic Powers Act (IEEPA). Per geval zal Nederland op het niveau van kritische infrastructuur en organisaties op het niveau van hun kritische bedrijfsprocessen moeten beoordelen hoe potentieel gevaarlijk een afhankelijkheid is, bijvoorbeeld omdat er geen alternatieven (meer) bestaan.

Willen ze het?

Is er rivaliteit rond als kritisch beschouwde hulpbronnen? Wat is het beleid, nu en in de toekomst, van de VS in de relatie tot Nederland en de EU?

Als het gaat om hulpbronnen, dan heeft Nederland in ieder geval tijdelijk een aparte positie in de toeleveringsketen van ai. Dit blijkt uit de deelname van Nederland aan het Pax Silica-initiatief. Vanuit EU-beleid is dat opvallend. Deelname aan het Amerikaanse Pax Silica heeft ongetwijfeld een rationeel verdedigbaar argument. Maar dat de VS voor dit deel van de AI-keten van Nederland afhankelijk zijn, leidt ongetwijfeld tot druk.

Diverse Amerikaanse strategieën op verschillende niveaus wijzen op een streven naar technologische, economische en militaire dominantie: de National Security Strategy (NSS), het Pax Silica-initiatief, de executive order over ai (juli 2025), de militaire ai-strategie van 2026 en de Cyber Strategy van 2026. Conform de NSS steunen de VS eurosceptische (extreemrechtse) bewegingen ter ondermijning van de EU, in lijn met de politiek van Rusland, onder andere via desinformatie. Maar stel dat we de kwestie van haar deels ideologische lading ontdoen: wat zien we dan?

Amerika wil zich kunnen richten op China, een beweging die al is ingezet onder het presidentschap van Obama. Daarbij horen níét een machtig, eensgezind en concurrerend Europa dat het Amerikaanse bedrijven lastig maakt als normerende supermacht, een conflict met Rusland en een conflict tussen Europa en Rusland. Daarbij horen wél een relatieve verzwakking van Europa, een ‘normalisering’ van de relatie met Rusland en inschikkelijkheid van Europa tegenover Rusland. Dat gaat ten koste van Europese soevereiniteit en opent de weg naar verdere Europese ondermijning door Rusland. Het gedrag van de VS ten opzichte van Oekraïne is in zekere zin een potentiële voorafschaduwing van wat voor heel Europa in het verschiet ligt. Afpersing, zoals bijvoorbeeld in de zaak Groenland met een beroep op de IEEPA. En het uitoefenen van druk voor concessies aan Rusland, zoals bijvoorbeeld al gebeurde bij onderhandelingen over steun aan Oekraïne. Dit laatste kan zeer problematisch worden als Rusland zijn imperialistische agenda ook tegen andere delen van de voormalige Sovjet-Unie gaat uitvoeren.

Het belang van Amerikaanse technologiebedrijven is een factor op zich. Deze bedrijven hebben een eigenstandig belang om Europa te beïnvloeden op het vlak van marktregulering en normering. Zij zullen daarbij steun hebben van de Amerikaanse overheid, gelet op het gezamenlijke belang dat blijkt uit de eerder genoemde strategieën.

Economische en politieke rivaliteit tussen de VS en de EU is verbonden aan Amerikaans beleid en staat voor het grootste deel los van wat Nederland of de EU doet. Het is ook niet verbonden aan de persoon Donald Trump. Kijkend naar de toekomst geldt dat hij niet de start maar het product van een ontwikkeling is. Beoogd opvolger J.D. Vance, de huidige vicepresident, loopt voorop in het willen afbreken van de EU. Daarbij geldt dat de vooruitzichten op een meer liberale democratische regering met een mogelijk mildere houding tegenover Europa op termijn niet gunstig lijken te zijn.

Doen ze het?

Hebben de VS een historie van interventies of het dreigen daarmee? Zijn de kosten van interventie hoog?

De Amerikaanse insider Edward Fishman geeft inzicht in de grote variatie aan chokepoints die zijn en worden gebruikt. Een voorbeeld dicht bij de EU is chantage van Oekraïne om wapens van Amerikaanse bedrijven te mogen kopen in ruil voor het inleveren van grondstoffen. Een voorbeeld voor de EU als geheel is de inzet van handelstarieven, mede als poging om Europese digitale en groene regelgeving te dwarsbomen en politieke steun voor internationaal beleid af te dwingen. Een voorbeeld met betrokkenheid van Nederland betrof de dreiging met sancties in de kwestie-Groenland. Het blokkeren van het Microsoft-account van het ICC was een primeur voor het doen stoppen van leveringen door een bedrijf. Een illustratie van escalatie voor dit type sancties is het dreigen door de VS met opschorting van alle commerciële transacties met Spanje nadat dit land een beroep deed op het internationaal recht in de kwestie-Iran. Recent nog uitte de VS een ongespecificeerd dreigement na de weigering van NAVO-lidstaten militaire steun te verlenen in de oorlog tegen Iran: ‘als je ons niet helpt, zullen we dat onthouden. Denk daaraan, over een paar maanden. Mijn woorden hebben een betekenis, vergeet dat niet. We kunnen dit niet vergeten.’

Kosten van chantage kunnen hoog zijn als deze leidt tot represailles door de EU, maar kunnen bij een gerichte en beperkte actie wel degelijk laag blijven. In dat licht bezien is het categorisch blokkeren van levering door bijvoorbeeld Microsoft minder waarschijnlijk, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het blokkeren van levering van btw-software aan de Belastingdienst, of het blokkeren van levering door Solvinity voor DigiD.

Conclusie

Chantage van de VS jegens Nederland en de EU is gemeengoed. Voor het stoppen van leveringen is er na de zaak van het ICC sprake van een zekere mate van escalatie door dreigementen. Het is aan bestuurders om in deze tijd van steeds verder oplopende internationale spanning invulling te geven aan hun verantwoordelijkheid tegenover de samenleving, door bestaande chokepoints te verwijderen en geen nieuwe te creëren. Als de impact van een onderbroken levering groot is, geldt bij twijfel: niet inhalen.

Marcel van Kooten studeerde internationale betrekkingen en is consultant informatiestrategie bij Highberg.