De aankoop van de Britse financiële softwareleverancier Coda door Baan is vorige week definitief rond gekomen.
Het Nederlandse softwarebedrijf bracht 1,9 miljoen nieuwe aandelen naar de Amsterdamse beurs (0,695 nieuwe aandelen Baan voor elk Coda-aandeel). Het totale aankoopbedrag komt daarmee op ongeveer 83 miljoen dollar. Sinds de aankondiging van de acquisitie in februari werken beide bedrijven al aan de integratie van hun software. Baan tracht hiermee zijn achterstand op dit gebied op concurrenten als SAP in te lopen.
Coda kondigde vorige week ook een samenwerkingsverband aan met Hyperion, leverancier van financiële analysesoftware. De bedrijven gaan hun software integreren. Hyperion heeft sinds vorig jaar al een nauw samenwerkingsverband met Baan. De financiële software van Baan, Coda en Hyperion wordt dus samengesmolten tot één product. Hyperion blijft daarbij als onafhankelijke organisatie actief; de organisatie van Coda vormt voor Baan de basis van een nieuw organisatieonderdeel gericht op financiële software.
Rustiger vaarwater
Baan lijkt na alle perikelen rond zijn boekhoudmethodes en ondoorzichtige organisatiestructuur weer in rustiger vaarwater terecht gekomen. Vorige week gaf het bedrijf duidelijkheid en inzicht in zijn boekhoudpraktijken. Daarbij heeft Baan toegezegd niet langer voor klanten te bemiddelen bij de financiering van software. De lease-constructies die Baan hanteerde waren strijdig met Amerikaanse voorschriften en leidden tot forse kritiek. Inmiddels is de rust enigszins weergekeerd en de beurskoers aangetrokken.
Tot slot maakte Baan gedurende de financiële turbulentie bekend dat zijn accountant Moret Ernst & Young de deur is gewezen als controlerende instantie van de boekhouding. De boekhouder verlaat Baan ‘vanwege potentieel tegenstrijdige belangen’. Coopers & Lybrand draagt dit jaar zorg voor de boekhouding. Met gefronste wenkbrauwen nam de markt kennis van dit bericht. Het wisselen van rekenmeester komt hoogst zelden voor. Concurrerende accountancy-bureaus noemden het dan ook ‘curieus’ en bankkringen beschouwen het als een ‘ernstig signaal’. RV